Stichting NMD, het Global Sustainable Enterprise System en Cirkelstad harmoniseren indicatoren en grondslagen voor prestatieverklaringen bouwproducten in databases;
NMD & NPC.

Bij het meten van circulariteit in de bouw, streeft de rijksoverheid er naar om in methoden, instrumenten, certificaten, databases e.d.de prestaties van gelijknamige of gelijksoortige eigenschappen en kenmerken van bouwproducten en bouwwerkinstallaties te baseren op een gelijke grondslag. De verificatieprocedures voor het declareren van die prestaties van bouwproducten en bouwwerkinstallaties kunnen verschillen. Zie de systematiek van de beoordeling en verificatie van de prestatiebestendigheid in de Verordening bouwproducten.

T.a.v. de milieukenmerken van een van bouwproduct en bouwwerkinstallatie kunnen de indicatoren in de Leidraad ‘Kernmethode voor het meten van circulariteit in de bouw’ als een gemeenschappelijk basis worden gezien. Hierin zijn drie kerndoelen voor circulair bouwen onderscheiden:

  1. Beschermen van het milieu;
  2. Beschermen van materiaalvoorraden
  3. Beschermen van bestaande waarde.

Ad a
Voor de methode voor bepaling van de kernindicatoren voor het beschermen van het milieu is de bepaling van de 19 milieueffectcategorieën van de set 2 uit de Bepalingsmethode milieuprestatie bouwwerken overgenomen en waar nodig gewogen naar een 1-puntscore.

Ad b
Voor de methode voor de bepaling van de kernindicatoren voor het beschermen van materiaalvoorraden kan merendeels terug worden gevallen op een LCA-rapport t.b.v. ad a)

Waar dit niet mogelijk is, stellen de Stichting NMD en GSES System nadere criteria op. Onder andere ter voorkoming van greenwashing: bij welk percentage biobased content is er sprake van een biobased product.

Ad c
Dit is onderwerp van nadere studie van het PBL en een verdiepingsslag van de Leidraad ‘Kernmethode voor het meten van circulariteit in de bouw’ (CB23)

In de bijlage 1 zijn van de twee grootste databases van Nederland de NMD van Stichting NMD en de NPC (Nationale Product Catalogus) van GSES System de gelijknamige of gelijksoortige eigenschappen en kenmerken van bouwproducten en bouwwerkinstallaties gegeven. Voor die eigenschappen/kenmerken is in de naast gelegen kolommen de gemeenschappelijke grondslag, het toetsingsprotocol en de verificatie genoemd. Verificatie van gedeclareerde indicatoren geschiedt op basis van data uit een LCA-rapport met toetsing door een derde deskundige.

De LCA/Environmental Footprint indicatoren op de GSES System NPC database kunnen bij een eerste opname in de NPC database voor een tijdsperiode van 2 jaar zijn gebaseerd op een LCA zonder toetsing door een derde deskundige. Na deze periode dienen de indicatoren te worden getoetst door een derde deskundige, ofwel worden ze verwijderd uit de GSES System NPC database. Ten minste na  deze periode  worden de onderliggende LCA-impactcategorieën na een toetsing ook aangeleverd voor opname in de database van de Stichting NMD.

Daarnaast laat de database van het GSES System, de NPC, ook andere aanvullende indicatoren zien op basis van de gezondheid en circulariteit footprint standaarden van het GSES System, daarvoor wordt de toetsing gedaan door onafhankelijke certificerende instellingen.

De Stichting NMD, Cirkelstad en GSES geven invulling aan dit streven van de rijksoverheid en:

  1. Streven er naar om t.a.v. de in bijlage 1 genoemde gemeenschappelijke indicatoren in één taal te communiceren. M.a.w. de bepaling van gemeenschappelijk productspecificaties is identiek. De verificatieprocedures van de productspecificaties voor opname in de databases kunnen verschillen.

Communiceren dit streven naar de bouwkolom om eenheid in denken te benadrukken. Of contrair, divergentie en onduidelijkheid te voorkomen.

Bijlage 1